Promoveren: wat is dat nou eigenlijk?

Jurriaan van ReijsenDoor: Jurriaan van Reijsen, Andarr Consultant

Deze keer eens geen diepgaande vervoeringen van mijn hand, maar een praktisch en verhelderend verhaal over promoveren.

Vaak genoeg zit ik bij Andarr of bij de klant aan de lunchtafel en wordt me gevraagd wat ik zoal doe. Als ik dan vertel dat ik naast mijn werk als projectmanager parttime bezig ben met een promotieonderzoek, is vaak de eerste vraag die ik teruggespeeld krijg: “goh, leuk, waar studeer je dan op af?” Eerder frustreerde me dat (“want ik ben toch al lang afgestudeerd!”), maar later bedacht ik me dat ik ook gewoon de tijd kan nemen om mijn tafelgenoten van hun vraagtekens te verlossen.

Promoveren: je ziet het vaak genoeg staan, in een krantenartikel of op een nieuwssite, omdat “iemand weer eens ergens op promoveert”. Het woord is herkenbaar, maar wat houdt het nou eigenlijk in?

Hoe zit het eigenlijk met al die titels?
Voor de invoering van het Bachelor/Master systeem, behaalde je in Nederland na afronding van een aantal soorten opleidingen een titel. Zo staat er na een technische hbo-opleiding ing. (Ingenieur) voor je naam en na een technische Universitaire opleiding staat er Ir. (Ingenieur). De meeste andere Universitaire opleidingen maken je tot drs. (Doctorandus), behalve bij juridische opleidingen, dan staat er mr. (Meester in de rechten) voor je naam. Toen het Bachelor/Master systeem werd ingevoerd, veranderde deze opzet radicaal. Bij bijna iedere hbo-opleiding hoort nu een Bachelor titel en die zijn er in meer dan 50 varianten, onderverdeeld in 3 categorieën: arts, science en laws. Deze onderverdeling geldt ook voor de Universitaire opleidingen, maar in plaats van Bachelor ben je dan Master.

Wanneer mag je dan promoveren?
Pas nadat iemand een Universitaire opleiding volledig heeft afgerond, kan hij of zij er voor kiezen om te promoveren. Een promotietraject is een periode van nominaal 4 jaar, waarin een promovendus/promovenda (“hij/zij die gaat promoveren”) (Engels: PhD. Student/Candidate) zelfstandig wetenschappelijk onderzoek uitvoert en hierover rapporteert (in een proefschrift). Vaak is het thema van het onderzoek relevant aan de onderzoeksagenda van de opleiding, waaraan de promovendus afstudeerde en kenmerkt het zich doordat het erg specialistisch is (diep in plaats van breed).

En wat doet een promovendus dan?
Klassiek promoveert (het eindpunt) de promovendus door een proefschrift te schrijven naar aanleiding van het verrichte onderzoek. Dat betekent 3 jaar onderzoek en vervolgens terugtrekken om eindeloos lang te schrijven. Steeds meer promoties geschieden tegenwoordig echter op basis van wetenschappelijke artikelen (papers), die door de promovendus worden geschreven. Na verloop van tijd worden alle gepubliceerde artikelen gebundeld en voorzien van inleiding en conclusie. Toevoeging van een zogenoemd “gouden nietje” maakt het werk tenslotte tot proefschrift. Deze nieuwe manier van promoveren borgt niet alleen de continuïteit van het onderzoek (incrementeel in plaats van alles aan het einde schrijven), maar ook de kwaliteit ervan, omdat artikelen formeel goedgekeurd moeten worden door een commissie van reeds gepromoveerden (vaak internationaal) in het vakgebied van de promovendus.

Wie betaalt dat eigenlijk?
Een promotiestudie moet natuurlijk gefinancierd worden en dat kan op 3 manieren, ook wel genoemd: volgens 3 geldstromen. In de eerste geldstroom betaalt de Universiteit de promotiestudie en wordt de promovendus een werknemer van de Universiteit, waaraan hij/zij promoveert. De tweede geldstroom wordt verzorgd door de overheid en kennisinstituten. Deze stroom is erg competitief en dat betekent tenderen voor een plaats. Bij de derde geldstroom is het een (commerciële) organisatie die de promotiestudie financiert (zoals in mijn geval). In dat geval heeft de organisatie een belang in het verrichte onderzoek. De promovendus wordt in dat geval een werknemer van de organisatie, waarbij de Universiteit vooral voor begeleiding zorgt.

Het proefschrift
De wetenschappelijke artikelen die het proefschrift vormen, kunnen op 3 verschillende niveaus worden ingediend: aan een workshop, een conferentie of een Journal, in toenemende mate van aanzien. Tevens heeft elke individuele workshop, conferentie of Journal een eigen mate van aanzien (“Men’s Health is geen Nature”). Een gemiddelde promotiestudie bestaat uit het publiceren van 8 artikelen als dat conferentie artikelen zijn, maar bijvoorbeeld 6 als er 2 Journal papers tussen zitten. Met het proefschrift wordt een verdieping van 4 jaar onderzoek samengevat en wordt antwoord gegeven op alle onderzoeksvragen die de promovendus zichzelf heeft gesteld. Het proefschrift biedt daarmee in eerste instantie een belangrijke academische (wetenschappelijke) waarde, omdat het nieuwe kennis toevoegt en bestaande kennis kritisch evalueert. Veelal is er ook een belangrijke praktische waarde aan het proefschrift verbonden, wanneer de resultaten van het onderzoek bijvoorbeeld waarde toevoegen aan de economie, het bedrijfsleven of de maatschappij.

Het moment van promoveren
Vier jaar, 8 artikelen en een proefschrift verder, staat de promovendus op het punt om zijn/haar promotiestudie af te ronden. Het proefschrift wordt aangeboden aan een leescommissie, bestaande uit hoogleraren en reeds gepromoveerden in het vakgebied van de promovendus. Op de promotiedatum verdedigt de promovendus zijn/haar proefschrift voor de leescommissie publiekelijk. De begeleider van de promovendus, de promotor, die altijd deel uitmaakt van de commissie, zal de promovendus na een succesvolle verdediging promoveren tot de graad van Doctor (Dr.). De Doctorandus titel (Drs.) wordt daarmee vervangen. Doctorandus betekent eigenlijk ook letterlijk “hij die de Doctorsgraad nog moet behalen”.

En wat is dan een professor?
Eenmaal gepromoveerd, kan een Doctor ervoor kiezen om aan een Universiteit verbonden te blijven. Hij/zij wordt dan junior onderzoeker of Universitair Docent (UD). De hoofddocent heet Universitair Hoofddocent (UHD). Wie leiding geeft aan zowel het onderwijs als het onderzoek van een vakgebied of afdeling, de leerstoel, wordt hoogleraar. De Nederlandse aanspreektitel voor hoogleraar is professor (Prof.dr.).

Mijn onderzoek
In mijn promotiestudie wil ik antwoord geven op de vraag “hoe het informele netwerk (sociaal netwerk) van een organisatie de mate beïnvloedt waarin een organisatie duurzaam en innovatief is”. Daarmee hoop ik nieuwe kennis op dit gebied te ontwikkelen en tegelijkertijd het bedrijfsleven te voorzien van handvatten om duurzaamheid en innovativiteit te stimuleren. Mijn onderzoek is een derde geldstroomconstructie: het wordt gefinancierd door een organisatie, namelijk Andarr. Tevens wordt het begeleid vanuit de Universiteit Utrecht, leerstoel organisatie en informatie, die wordt voorgezeten door Prof.dr Sjaak Brinkkemper. Op dit moment heb ik 2 conferentie artikelen gepubliceerd en werk ik aan een eerste Journal paper en een derde conferentie paper. Ik hoop mijn proefschrift over 3 jaar te mogen verdedigen.

Jurriaan van Reijsen (1982) studeerde bedrijfsinformatiekunde aan de Universiteit Utrecht. Nu werkt hij fulltime bij Andarr. Daar is hij parttime projectmanager bij Nederlands grootste postleverancier. Tevens promoveert hij parttime verbonden aan de Universiteit Utrecht op organisatieontwikkeling van duurzaamheid en innovatie door inzet van kennismanagement.

Reacties op dit artikel

Geachte heer,

Ik wil u wijzen op een kleine vergissing die veel verwarring kan veroorzaken.

De HBO-opleidingen zijn niet verdeeld in de door u genoemde drie categorieën. De aanduidingen: arts, science en laws (toevoegingen achter de “M”)horen bij de universitaire opleidingen en mogen niet gebruikt worden bij HBO-titels.

Het HBO maakt gebruik van de letter “M” die uiteraard voor Master staat en verder wordt het beroepenveld aangeduid, bijv. M. of Education of M. of Nursing.

Ik hoop hiermee een positieve bijdrage aan uw publicatie te hebben gegeven.

Toegevoegd door: .(JavaScript must be enabled to view this email address) op 18/03 om 09:29 uur

Ook met een hbo-master staat de weg naar een academische promotie (PhD) open. Er is dus niet per se een universitaire graad nodig. De toelating is overigens beschreven in de WHW (Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek (WHW)), zie verdernamba.nl. Daarnaast is er nog een vierde geldstroom, namelijk de particulier gefinancierde promoties. Succes met uw promotieonderzoek.

Toegevoegd door: Kerstin van Tiggelen (verdernamba.nl) op 16/08 om 02:36 uur

Helaas klopt de bijdrage van M.G. Otter den Hollander (M.Phil) niet geheel. Vele universititen accepteren geen HBO-Master voor een promotie. Er moet een wetenschappelijke master aan vooraf zijn gegaan, MSc, MA of MPhil.
Daar HBO opleidingen per definitie altijd toegepaste wetenschap is kunnen die hooguit naar een professionele doctor-graad zoals de DBA (Doctor of Business Administration). PhD is toch echt voorbehouden aan de academici.

Vooral toonaangevende instituten weigeren niet-wetenschappelijke masters, zoals bijv. het ERIM (van ESE/RSM Erasmus Universiteit)

Verder zijn HBO titels tegenwoordig aangepas naar BASc (Bachelor of Applied Sciences) en BAA (Bachelor of Applied Arts) om onderscheid te maken met de universiteiten. De titel LLB (Bachelor of Laws) is zowel bij het HBO als de universiteit in gebruik na respectievelijk 240 of 180 ECTS behaald in de rechtenstudie.

Toegevoegd door: .(JavaScript must be enabled to view this email address) op 21/09 om 10:36 uur

Rectificatie: Ik bedoelde “Kerstin van Tiggelen (verdernamba.nl)” en niet “M.G. Otter den Hollander (M.Phil)” toen ik claimde een onwaarheid te hebben geconstateerd in de mogelijkheden voor HBO-ers om te promoveren.

Toegevoegd door: .(JavaScript must be enabled to view this email address) op 21/09 om 10:38 uur

Wij hebben voortdurend overleg met alle universiteiten van nederland. Volgens de wet zijn ze AANTOONBAAR VERPLICHT om mensen met een hbo-master te accepteren. Naast deze primaire formele voorwaarde kan een universiteit een aantal secundaire eisen stellen, zoals een academisch niveau van het onderzoeksvoorstel, voldoende interne expertise op het betreffende vakgebied, en de beschikbaarheid van een promotor. Afwijzing gebeurt dan ook niet op grond van vooropleiding, maar persoonlijke kwalificaties van de beoogde promovendus. Op verdernamba.nl staan ervaringsverhalen van mensen die reeds aan verschillende universiteiten promoveren (zoals TU Twente, Radboud, UvH) vanuit een hbo-dipoma.

Wat betreft het aangehaalde voorbeeld van de Eransmus Univeristeit Rotterdam: daar is juist een speciaal Begeleid voortraject (€ 3.650) onder de naam Erasmus Academie Hora est! beschikbaar voor mensen die niet gewend zijn aan de academische tradities. Op de speciale website (http://www.eur.nl/erasmusacademie/allecursussen/persoonlijkeontwikkeling/horaest) staat bovendien letterlijk: “Om te kunnen promoveren aan een Nederlandse universiteit dient u tenminste in bezit te zijn van een hbo-diploma. Kandidaten krijgen daarnaast een persoonlijk intakegesprek waarin o.a. schrijfervaring, ideeën en motivatie worden getoetst.”

De verwarring in Nederland blijft begrijpelijk, maar er is slechts één conclusie: met een hbo-master én de juiste persoonlijkheid staat niets een officiele academische PhD-promotie in de weg.

Toegevoegd door: Kerstin van Tiggelen (verdernamba.nl) op 21/09 om 12:30 uur

Pagina 1 van 1 pagina's

Reactie formulier

Naam:

Email:

Locatie:

URL:

Onthoudt mijn informatie

Ik wil op de hoogte blijven van de reacties

Welk woord staat hieronder: